Kamerplanten · 4 min lezen
Graslelie
Chlorophytum comosum · Chlorophytum
De graslelie is een klassieker die nooit uit de mode raakt: smalle, gestreepte bladeren in een losse bol en lange stengels met kleine plantjes eraan. Hij is bijna niet kapot te krijgen, groeit snel en is veilig voor huisdieren. Ideaal voor beginners en voor wie graag stekjes deelt.
Foto: Mokkie · CC BY-SA 3.0 · via Wikimedia CommonsHerkomst en uiterlijk
Chlorophytum comosum komt oorspronkelijk uit tropisch en zuidelijk Afrika, waar hij op de bosbodem en langs rivieroevers groeit. Hij hoort bij de aspergefamilie (Asparagaceae). Onder de grond vormt de plant dikke, witte, vlezige wortels waarin hij water en voedsel opslaat. Daardoor overleeft hij gerust een vergeten gieter.
De bladeren zijn twintig tot veertig centimeter lang en lijnvormig, groen of met een crèmewitte streep. Volwassen planten maken lange, overhangende bloeistengels met kleine witte stervormige bloempjes. Na de bloei groeien aan dezelfde stengels miniatuurplantjes, compleet met wortelaanzetjes. Die hangende 'baby's' maken de graslelie zo herkenbaar, en leverden hem in het Engels de naam spider plant op.
Licht en standplaats
De graslelie groeit het best op een lichte plek zonder felle middagzon, bijvoorbeeld bij een raam op het oosten of westen. Hij verdraagt ook halfschaduw, maar de witte streep wordt dan minder uitgesproken en de plant maakt minder uitlopers. Felle zon geeft bruine, verbleekte bladeren.
Omdat de bladeren en uitlopers sierlijk overhangen, komt hij goed tot zijn recht op hoogte: op een plank, een plantenstandaard of in een hangpot. Hij verdraagt temperaturen tot ongeveer 10 °C, dus een koele slaapkamer of trappenhal is ook geen probleem.
Water geven en luchtvochtigheid
Geef water als de bovenste paar centimeter grond droog zijn: in de zomer eens per week, in de winter eens per twee à drie weken. Dankzij de opslagwortels kan hij een droge periode goed hebben, terwijl natte voeten wortelrot geven. Laat dus nooit water in de schotel staan.
De graslelie is gevoelig voor fluoride en zouten in leidingwater, wat bruine bladpuntjes geeft. Gebruik waar mogelijk regenwater of gefilterd water. Een gemiddelde luchtvochtigheid volstaat. In een badkamer met raam doet hij het zelfs uitstekend, want de vochtige lucht en het gefilterde licht passen precies bij zijn natuurlijke standplaats op de bosbodem.
Hangt de plant hoog, dan droogt de grond sneller uit door de warme lucht onder het plafond. Controleer hangpotten daarom vaker dan planten op de vloer, en giet langzaam zodat het water de hele kluit bereikt in plaats van langs de rand weg te lopen.
Grond, pot en voeding
Normale kamerplantengrond is prima, eventueel met wat perliet voor een betere afwatering. Kies een stevige pot met afvoergat: de vlezige wortels kunnen zo hard groeien dat een dunne plastic pot vervormt of zelfs scheurt. Voed van april tot september eens per drie weken met een halve dosis kamerplantenvoeding. Te veel voeding geeft juist bruine punten en zwakke, slappe bladeren.
Spoel de pot twee keer per jaar flink door met regenwater, tot er een ruime hoeveelheid water onderuit loopt. Zo voorkom je dat zouten uit voeding en leidingwater zich ophopen in de grond, een van de belangrijkste oorzaken van bruine bladpunten bij deze soort.
Verpotten en stekken
Verpot zodra de wortels boven de grond uitkomen of de pot vol staat met witte knollen, meestal eens per één à twee jaar in het voorjaar. Grote planten kun je bij het verpotten simpel delen: trek of snijd de wortelkluit in twee of drie stukken en pot elk deel apart op.
De uitlopers zijn de makkelijkste stekjes die er zijn. Knip een plantje met zichtbare wortelaanzetjes van de stengel en zet het in een glas water of direct in vochtige grond. Je kunt het plantje ook nog aan de moederplant laten zitten en in een potje ernaast laten wortelen, en pas daarna de verbinding doorknippen. Meer technieken vind je in onze blog over kamerplanten stekken.
Soorten en cultivars
De bekendste vormen zijn 'Vittatum', met een witte middenstreep, en 'Variegatum', met groen hart en witte randen. 'Bonnie' heeft krullend, spiraalvormig blad en blijft compacter, ideaal voor kleine ruimtes. De volledig groene soortvorm is het sterkst en verdraagt het minste licht. Familie, maar een andere soort, is Chlorophytum 'Green Orange', met bredere bladeren en oranje bladstelen.
Problemen herkennen
Bruine bladpunten: het meest gehoorde probleem. Oorzaak is meestal fluoride of zout in het water, te veel voeding of erg droge lucht. Knip de punten schuin bij en schakel over op regenwater. Bleke, slappe bladeren: te veel zon of te weinig voeding. Geen uitlopers: de plant is nog jong, heeft te weinig licht of staat in een te grote pot; een iets krappe pot stimuleert de vorming. Zachte, bruine wortels: wortelrot door te natte grond. Kleverig blad met kleine beestjes: bladluis of wolluis, verwijder met een sopje van zachte zeep.
Combineren en stylen
De graslelie is op zijn mooist in een hangpot of macramé hanger, waar de uitlopers vrij naar beneden kunnen bungelen. Op een boekenkast combineer je hem goed met andere hangers zoals Tradescantia of Pothos. Wie huisdieren heeft, kan hem samen met een bergpalm en een Pilea zetten voor een groen hoekje dat helemaal kattenproof is.
Graslelie door het jaar
Minder licht betekent minder groei en dus minder water. Geef Graslelie pas water als de grond duidelijk droger is dan in de zomer, geen voeding, en zet de plant iets dichter bij het raam, uit de buurt van de radiator.
Vanaf maart komt Graslelie weer in de groei. Het beste moment om te verpotten als de wortels de pot vullen, om bruine of kale delen weg te knippen en om weer te beginnen met voeding in een halve dosis.
Groeiseizoen: controleer de grond wekelijks en geef water als de bovenlaag droog is en geef om de twee à vier weken voeding. Bescherm het blad tegen felle middagzon achter glas.
Bouw water en voeding geleidelijk af. Controleer Graslelie op ongedierte zoals spint en wolluis voordat de verwarming aangaat, en neem de bladeren af zodat ze zoveel mogelijk licht vangen.
Veelgemaakte fouten
- Water geven op schema. Niet de kalender, maar de grond bepaalt wanneer je giet. Voel met je vinger: is de bovenlaag droog, dan is het tijd. In de winter is dat veel minder vaak dan in de zomer.
- Felle middagzon. Directe middagzon (zeker achter glas) geeft bruine, verbrande vlekken op het blad. Ochtend- of avondzon is meestal geen probleem.
- Een te grote pot. Een veel te grote pot houdt lang water vast. Verpot hooguit één maat groter (2 tot 5 cm breder) en altijd in een pot met afvoergat of een binnenpot.
Kopen: waar let je op?
Kies bij het kopen van een graslelie een plant met stevig, gaaf blad, zonder bruine vlekken of plakkerige plekken, en kijk onder de bladeren en in de bladoksels of er geen ongedierte zit. Een grote plant geeft direct effect, maar een kleinere plant went sneller aan jouw huis en groeit vaak verrassend snel door. Bestel je online, pak de plant direct uit, geef een lichte plek zonder felle zon en verpot pas na twee tot vier weken. In de categorie sterke kamerplanten vind je het actuele aanbod in verschillende maten.

Foto:
Foto:
Foto:
Foto:
Foto:
Foto:
Foto: