Bonsai

Een bonsai is een gewone boom in een klein schaaltje. Wie dat snapt, maakt de belangrijkste keuze goed: binnen- of buitenboom. Daarna is het een kwestie van kijken, knippen en geduld. Op deze pagina vind je onze bonsaigidsen, de basis van verzorging en de keuzes die beginners het vaakst verkeerd maken.

BonsaiFoto: Peggy Greb, USDA · Public domain · via Wikimedia Commons

Bonsai uit het assortiment

Binnen of buiten: de keuze die alles bepaalt

Het grootste misverstand over bonsai is dat het kamerplanten zijn. De klassieke Japanse bonsai, zoals jeneverbes, den en Japanse esdoorn, zijn buitenbomen die een koude winter nodig hebben om te rusten. Binnen in een warme woonkamer leven ze nog een paar maanden op hun reserves en gaan dan langzaam dood. Binnenbonsai zijn tropische en subtropische soorten, zoals Ficus, Carmona en de Chinese iep (die beide kan). Die verdragen kamertemperatuur, maar willen wel veel licht.

Water geven: elke dag kijken

Een bonsaischaal bevat weinig grond, die snel opdroogt. Kijk daarom dagelijks en geef water zodra de bovenste laag droog aanvoelt. Giet tot het water uit de afvoergaten loopt, of dompel de hele schaal een paar minuten onder in een bak water. In de zomer kan een buitenbonsai twee keer per dag water nodig hebben, in de winter soms maar eens per week. Een vast schema werkt hier nog minder dan bij gewone kamerplanten.

Snoeien en vormen

Bonsai blijft klein door twee soorten snoei. Onderhoudssnoei: nieuwe scheuten terugknippen tot één of twee bladparen, zodra ze vijf à zes bladeren hebben gemaakt. Zo blijft de boom compact en vertakt hij fijner. Vormsnoei: dikkere takken verwijderen om de structuur van de boom te bepalen; dat doe je bij de meeste soorten in het vroege voorjaar. Draad gebruik je om takken in een bepaalde richting te buigen, maar haal het op tijd weg voordat het in de bast snijdt.

Verpotten en grond

Om de twee à drie jaar verpot je een jonge bonsai, oudere bomen minder vaak. Je knipt daarbij een deel van de wortels weg en zet de boom terug in verse, korrelige bonsaigrond zoals akadama gemengd met lava en puimsteen. Die grond houdt vocht vast maar laat overtollig water snel weglopen. Gewone potgrond is te fijn en blijft te nat.

Vier beginnersbomen naast elkaar

Wie een eerste bonsai kiest, doet er goed aan te beginnen bij een sterke soort die past bij de plek die je hebt. Deze vier bomen vergeven een foutje en zijn ruim verkrijgbaar.

SoortBinnen of buitenStandplaatsBijzonderheid
Ficus GinsengBinnenLicht, zonder koude tochtDikke wortelstam, verdraagt droge kamerlucht redelijk
Chinese iepBinnen of buitenLicht tot zonnigFijn blad, reageert snel op snoei
JeneverbesBuitenZonGroenblijvend, heeft een koude winter nodig
Japanse esdoornBuitenHalfschaduw, uit de windPrachtige herfstkleur, blad verbrandt in felle middagzon

Heb je alleen een vensterbank, dan is de keuze snel gemaakt; onze gids binnenbonsai kopen helpt je verder. Wil je eerst weten waar je bij aanschaf op let, lees dan bonsai kopen voor beginners.

Buitenbonsai veilig de winter door

Een buitenbonsai heeft kou nodig om te rusten, maar een ondiepe schaal bevriest veel sneller dan de volle grond. Bij lichte vorst hoef je niets te doen. Zakt de temperatuur een aantal dagen flink onder nul, zet de schaal dan op de grond tegen een beschutte muur, graaf hem in in de border of zet hem tijdelijk in een onverwarmde schuur of garage. Groenblijvende soorten zoals jeneverbes willen daar wel wat daglicht houden.

Wind is in de winter net zo verraderlijk als vorst. Groenblijvende bomen verdampen ook dan water, terwijl bevroren wortels niets kunnen opnemen. Controleer daarom ook in december en januari of de grond niet uitdroogt. Haal een buitenboom nooit de warme woonkamer in: dan breekt de rust af en loopt hij op het verkeerde moment uit. Dezelfde principes gelden voor andere planten in pot, zie winterharde kuipplanten en tuin winterklaar maken.

In het voorjaar is waakzaamheid nodig. Een esdoorn die al vroeg uitloopt, kan bij een late nachtvorst zijn jonge blad verliezen. Zet hem bij een vorstnacht in april even in de schuur of dek hem af met vliesdoek, en haal hem overdag weer naar buiten in het licht.

Voeding, ongedierte en het eerste jaar

Omdat een bonsaischaal weinig grond bevat, raken voedingsstoffen snel op. Geef in het groeiseizoen regelmatig een kleine dosis speciale bonsaivoeding, vloeibaar of als korrels op de grond, en minder vanaf de nazomer. Geef na het verpotten een paar weken niets, zodat de verse wortels niet verbranden, en voed een zieke of verzwakte boom ook niet. Achtergrond over voeding vind je in plantenvoeding en potgrond.

Binnen in droge lucht krijgen bonsai snel spint, buiten zitten bladluizen graag op jonge scheuten van de esdoorn. Kijk bij het water geven even onder de bladeren; hoe eerder je ingrijpt, hoe makkelijker het gaat. Herkennen en aanpakken staat in ongedierte op kamerplanten.

Ga het eerste jaar vooral kijken. Laat de boom wennen, geef water, knip alleen lange scheuten in en bewaar vormsnoei en draad voor later. Lees je in met beginnen met bonsai en bonsai snoeien en draad zetten, en zorg voor een goede schaar en een fijne gieter uit verzorging en accessoires.

Gidsen per situatie

Veelgestelde vragen

Wat is de beste bonsai voor beginners?
Binnen: Ficus Ginseng of Chinese iep. Buiten: jeneverbes of Chinese iep. Alle drie zijn sterk en vergeven een foutje.
Kan een bonsai in de vensterbank?
Een binnenbonsai wel, mits het een lichte vensterbank is zonder radiator eronder. Buitenbonsai horen het hele jaar buiten.

Bonsai kopen

Bekijk binnen- en buitenbonsai en bonsaigereedschap bij bol.

Alle artikelen over bonsai

Naar de categorie →

Alle bonsaisoorten in de encyclopedie

A–Z →