Bosplantsoen

Bosplantsoen bestaat uit jonge, inheemse bomen en struiken, meestal als wortelgoed geleverd. Het is de goedkoopste manier om een natuurlijke haag, houtwal of bosrand aan te leggen, en een van de beste dingen die je voor vogels en insecten kunt doen.

14 productenvan € 1,10 tot € 2,65Plantmoment: oktober t/m april

14 resultaten

Waarom inheems?

Inheemse soorten zoals meidoorn, sleedoorn, hazelaar, Gelderse roos, vlier, lijsterbes en hondsroos hebben zich in duizenden jaren samen met onze insecten en vogels ontwikkeld. Een inheemse meidoorn ondersteunt tientallen soorten insecten, een uitheemse sierstruik vaak maar een handvol. Bovendien zijn inheemse soorten gewend aan ons klimaat en onze grond, en dus sterk.

Een gemengde haag aanleggen

Plant bosplantsoen in de winter, van november tot maart. Reken op 4 à 5 planten per meter in een dubbele rij, zigzag geplaatst. Meng soorten in groepjes van drie tot vijf, zodat de haag een natuurlijk, gevarieerd beeld krijgt met bloei in het voorjaar en bessen in de herfst. Knip de jonge planten na het planten terug tot ongeveer een derde: dat lijkt rigoureus, maar zorgt voor een dichte basis.

Wortelgoed planten

Wortelgoed heeft geen kluit en droogt snel uit. Plant het daarom zo snel mogelijk na ontvangst, of kuil het tijdelijk in: leg de planten schuin in een greppel en dek de wortels af met aarde. Dompel de wortels voor het planten een uur in water. Knip beschadigde wortels weg, zet de plant op dezelfde diepte als hij in de kwekerij stond en trap stevig aan.

Welke soorten kies je voor welk doel?

Bosplantsoen is er in tientallen soorten, en de keuze hangt af van wat je wilt bereiken. Voor vogels zijn soorten met bessen het waardevolst: lijsterbes, vlier, meidoorn, hulst en de Gelderse roos, een inheemse sneeuwbal. Voor bijen en hommels tellen vroege bloeiers. Wilgen en sleedoorn bloeien al in maart en zijn dan een belangrijke voedselbron. Meer over de combinatie van bloei en dieren lees je in planten voor bijen en vlinders en tuin voor bijen en vlinders.

Wil je een haag die indringers buiten houdt, kies dan doornige soorten als meidoorn, sleedoorn en hondsroos. Voor een strakke inheemse haag zijn beuk en haagbeuk ideaal, en ook taxus is een inheemse soort, die bovendien schaduw verdraagt. Op natte grond doen els en wilg het goed, in de schaduw hazelaar en hulst. Twijfel je tussen een natuurlijke en een strakke haag, lees dan welke haag kiezen.

Onderhoud: van jonge aanplant tot houtwal

De eerste twee à drie jaar zijn bepalend. Houd een strook van een halve meter rond de jonge planten vrij van gras en onkruid, of leg er een laag mulch van houtsnippers op. Geef in een droog voorjaar water: wortelgoed heeft nog weinig wortels en droogt snel uit. Vervang uitgevallen planten in de eerstvolgende winter, dan sluit de haag gelijkmatig.

Een volgroeide houtwal of natuurlijke haag hoef je niet elk jaar te knippen. Zet om de paar jaar gefaseerd een deel af tot net boven de grond; de meeste inheemse soorten lopen dan krachtig opnieuw uit. Werk altijd in stukken, zodat vogels en andere dieren uit kunnen wijken, en snoei buiten het broedseizoen. Wat je in de herfst nog kunt doen, staat in tuin winterklaar maken.

Laat afgezet snoeihout gerust deels liggen in een takkenril langs de haag. Zo'n losse wal van takken is een schuilplaats voor egels, winterkoninkjes en insecten, en verteert langzaam tot humus. Het scheelt je bovendien ritjes naar de milieustraat.

Bosplantsoen in een kleine tuin

Ook een gewone stadstuin heeft ruimte voor een stukje natuur. Een paar meter gemengde haag langs de achtergrens, een enkele lijsterbes of een hoekje met hazelaar en vlier maakt al verschil voor vogels. Combineer bosplantsoen met struiken en heesters uit het gewone assortiment, of met een krentenboom, die geen inheemse soort is maar wel bloesem, bessen en herfstkleur geeft. Zoek je vooral snel resultaat, kijk dan ook bij haagplanten en snelgroeiende haagplanten.

Plant in een kleine tuin niet te veel verschillende soorten door elkaar. Drie of vier soorten in kleine groepjes geven een rustiger beeld en laten elke soort beter tot zijn recht komen. Kies bij voorkeur soorten die bloei en bessen combineren, zodat je in voorjaar en herfst iets te zien hebt. Snoei bij te veel hoogte gerust terug in de winter; de meeste inheemse struiken verdragen dat goed.

Zo plant je bosplantsoen

  1. Span een touw over de volledige lengte, zo wordt de haag kaarsrecht.
  2. Graaf een sleuf van ongeveer 40 cm breed en 40 cm diep en maak de bodem los.
  3. Zet kluitplanten minstens een uur in een emmer water; potplanten even onderdompelen tot er geen luchtbellen meer opstijgen.
  4. Plaats de planten op gelijke afstand, vul aan met aanplantgrond en trap de grond rondom stevig aan.
  5. Geef direct ruim water (10 liter per strekkende meter) en houd het eerste groeiseizoen vochtig.

Veelgemaakte fouten

  • Te veel planten per meter: ze concurreren en de haag wordt onderin kaal.
  • De eerste zomer vergeten water te geven, juist dan sterven de meeste nieuwe hagen.
  • Pas snoeien als de haag op hoogte is; licht terugknippen vanaf jaar één maakt hem juist dicht.

Door het jaar

Winter

De beste tijd om wortelgoed en kluitplanten te planten.

Voorjaar

Eerste voeding met organische mest en licht in vorm knippen.

Zomer

Snoeien na de eerste groei (eind juni), let op broedende vogels.

Herfst

Plantseizoen begint, ideaal voor een nieuwe haag.

Veelgestelde vragen

Wat is wortelgoed?
Planten die zonder pot en zonder kluit worden geleverd, alleen met de blote wortels. Alleen verkrijgbaar en plantbaar in het rustseizoen, van november tot maart.

Verder lezen

Alle artikelen →

Meer in tuinplanten

Gidsen per situatie

Alle gidsen →