Tuinplanten · 12 min lezen ·

Snoeikalender voor de tuin: wat snoei je wanneer, per maand

Wat snoei je wanneer? Deze snoeikalender voor de tuin toont per maand wanneer je hagen, heesters, fruitbomen, rozen, vaste planten en klimplanten knipt.

Snoeien op het verkeerde moment is een van de meest gemaakte tuinfouten. Knip je een voorjaarsbloeier in maart terug, dan knip je de bloemknoppen weg. Snoei je een haag te laat in de herfst, dan bevriezen de jonge scheuten. Met een goede snoeikalender voor de tuin weet je precies wat je wanneer snoeit. In dit artikel vind je een maand-voor-maand overzicht voor hagen, heesters, fruitbomen, rozen, vaste planten en klimplanten, plus de vuistregels die het allemaal logisch maken.

De gouden regel: wanneer bloeit de plant?

Bijna alle snoeiadvies is terug te brengen tot één vraag: bloeit de plant op oud of op nieuw hout? Planten die in het voorjaar en de vroege zomer bloeien, zoals forsythia, sering, rododendron en de meeste boerenhortensia's, maken hun bloemknoppen in de zomer en herfst van het jaar ervoor. Die snoei je direct na de bloei, zodat ze de rest van het seizoen nieuwe bloeitakken kunnen maken. Planten die vanaf midden zomer bloeien, zoals vlinderstruik, pluimhortensia en veel rozen, bloeien op hout dat in hetzelfde jaar groeit. Die snoei je in het late voorjaar, vlak voor de nieuwe groei.

Een tweede regel: snoei niet bij strenge vorst en liever niet bij langdurig nat weer, want dan genezen wonden slecht en hebben schimmels vrij spel. En houd rekening met broedende vogels. De wet verbiedt het verstoren van bewoonde nesten; in de praktijk loopt het broedseizoen ruwweg van half maart tot half juli. Kijk voor je in een haag of klimplant knipt dus altijd even of er een nest in zit.

De snoeikalender in één oogopslag

MaandWat snoei je
JanuariAppel en peer (wintersnoei), blauwe regen (wintersnoei), bladverliezende bomen bij vorstvrij weer
FebruariAppel en peer afronden, blauwe regen, clematis groep 3, herfstframbozen, koeleseizoensgrassen eind februari
MaartRozen, vlinderstruik, pluimhortensia, boerenhortensia (uitgebloeide koppen), vaste planten, siergrassen, clematis groep 2 licht
AprilLavendel, warmteminnende siergrassen, vijg en olijfboom, groenblijvende heesters licht vormen
MeiVoorjaarsbloeiers na de bloei, clematis montana, rododendron uitbreken, Chelsea chop bij vaste planten
JuniEerste haagsnoei, glansmispel, rozemarijn na de bloei, uitgebloeide rozen
JuliKers en pruim na de oogst, blauwe regen zomersnoei, lavendel na de bloei
AugustusZomersnoei appel en peer, tweede haagsnoei, taxus, zomerframbozen, klimop
SeptemberLaatste haagsnoei tot half september, laurierkers, esdoorn en berk vormen
OktoberWeinig snoeien, rozen inkorten tegen windschade, vaste planten laten staan
NovemberBladverliezende bomen en heesters uitdunnen, dood hout verwijderen
DecemberBegin wintersnoei appel en peer bij vorstvrij weer, takken voor kerstgroen

Snoeien per maand

Januari: tijd voor de wintersnoei

In de winter zijn bladverliezende bomen en struiken in rust en zie je de vorm van de kroon het best. Dit is het moment voor de wintersnoei van appelbomen en perenbomen. Verwijder dood, ziek en kruisend hout, dun de kroon uit zodat er licht en lucht in komt en kort te lange takken in. Snoei alleen als het niet harder vriest dan een paar graden. Ook de blauwe regen krijgt nu zijn wintersnoei: knip de zijscheuten die je in de zomer al hebt ingekort terug tot twee of drie knoppen. Dat zijn de bloemknoppen voor mei. Pruimen, kersen en andere steenvruchten snoei je nu niet, vanwege het risico op loodglans.

Februari: laatste wintersnoei en de eerste zomerbloeiers

Rond de wintersnoei van fruitbomen af. Clematissen van groep 3, de soorten die vanaf juni op nieuw hout bloeien zoals Clematis viticella, knip je eind februari of begin maart terug tot 20 tot 30 centimeter boven de grond, net boven een paar gezonde knoppen. Meer over de soorten lees je op de pagina over clematis. Herfstframbozen knip je nu helemaal tot de grond af. Struisriet en andere koeleseizoensgrassen kunnen eind februari terug, voordat ze uitlopen.

Maart: de grote voorjaarssnoei

Maart is de drukste snoeimaand. Als de forsythia bloeit, is het tijd voor de rozen. Struikrozen en trosrozen knip je terug tot 20 tot 30 centimeter, op een naar buiten wijzende knop. Klimrozen snoei je lichter. De details staan in onze blog rozen snoeien.

De vlinderstruik mag in maart flink terug, tot 30 tot 50 centimeter boven de grond. Bij hortensia's let je op de soort: pluimhortensia's en bolhortensia's zoals 'Annabelle' bloeien op nieuw hout en mag je stevig terugknippen. Bij de boerenhortensia knip je alleen de uitgebloeide bloemen weg tot boven het eerste paar dikke knoppen; daarin zitten de bloemen van dit jaar.

Ook vaste planten krijgen nu hun beurt. Knip de oude stengels van bijvoorbeeld zonnehoed, hemelsleutel en salie weg, zodat de nieuwe scheuten ruimte krijgen. Hoe je een border onderhoudt lees je in border aanleggen met vaste planten.

April: lavendel, grassen en vorstgevoelige planten

Lavendel snoei je in april, als de ergste vorst voorbij is. Knip de plant in een bolle vorm terug, maar blijf in het groen: lavendel loopt slecht uit vanuit kaal, oud hout. Warmteminnende siergrassen zoals prachtriet en lampenpoetsersgras knip je nu terug tot 10 tot 15 centimeter, vlak voordat het nieuwe blad verschijnt. Vorstgevoelige planten zoals de vijgenboom en de olijfboom snoei je pas nu, als je ziet welke takken de winter hebben overleefd. Groenblijvende heesters kun je licht in vorm knippen.

Mei: voorjaarsbloeiers na de bloei

Struiken die in het voorjaar hebben gebloeid, zoals forsythia, sering, ribes, weigela en spirea, snoei je direct na de bloei. Haal per jaar een paar van de oudste takken bij de grond weg, zodat de struik zich blijft verjongen. Clematis montana en andere clematissen van groep 1 knip je ook na de bloei, maar alleen als ze te groot worden. Bij de rododendron breek je de uitgebloeide trossen voorzichtig uit, zonder de jonge knoppen eronder te beschadigen. Eind mei kun je bij hoge vaste planten de zogenaamde Chelsea chop toepassen: knip een deel van de stengels een derde in, waardoor de planten compacter blijven en later en langer bloeien.

Juni: de eerste haagsnoei

Na de eerste groeischeut, eind mei of in juni, krijgen de meeste hagen hun eerste snoeibeurt. Denk aan liguster, beuk, haagbeuk en Japanse hulst. Controleer eerst op nesten. Snoei de haag iets smaller aan de bovenkant dan aan de onderkant, zodat er onderaan genoeg licht komt en de haag niet kaal wordt. De glansmispel knip je na de eerste rode uitloop, zodat hij een tweede keer rood uitloopt. Rozemarijn snoei je licht na de bloei. Haal bij rozen regelmatig de uitgebloeide bloemen weg voor een tweede bloei.

Juli: steenvruchten en zomersnoei

Pruimen, kersen en andere steenvruchten snoei je in de zomer, direct na de oogst, bij droog weer. Wonden genezen dan snel en de kans op loodglans is het kleinst. Bij de blauwe regen begint nu de zomersnoei: knip de lange, groene ranken terug tot vijf of zes bladeren, ongeveer 20 tot 30 centimeter. Lavendel knip je na de bloei terug tot net onder de bloemstelen, zodat de plant compact blijft.

Augustus: zomersnoei van fruit en tweede haagsnoei

Eind juli of in augustus is het tijd voor de zomersnoei van appel en peer, vooral bij leivormen, zuilen en kleine bomen. Knip de nieuwe, lange zijscheuten terug tot drie à vier bladeren boven de basis. Dat remt de groei en bevordert de vorming van bloemknoppen voor volgend jaar. Meer over het snoeien van fruit in een beperkte ruimte lees je in fruitbomen in een kleine tuin. Hagen krijgen eind augustus hun tweede beurt, en taxus knip je bij voorkeur nu, eenmaal per jaar of als tweede beurt. Zomerframbozen knip je na de oogst: de gedragen twijgen tot de grond weg, de jonge scheuten laten staan. Ook klimop tegen een schutting kun je nu terugknippen.

September: laatste haagsnoei

Snoei hagen uiterlijk half september voor de laatste keer. Daarna lopen ze nog maar beperkt uit en kunnen de nieuwe scheuten voor de vorst afharden. Een grote laurierkers knip je bij voorkeur met een snoeischaar in plaats van een heggenschaar, zodat de grote bladeren niet half doorgeknipt worden en bruin verkleuren. Bomen die in het voorjaar sterk bloeden, zoals berk, walnoot en esdoorn, waaronder de Japanse esdoorn, snoei je beter in de nazomer dan in het voorjaar.

Oktober: rustig aan

In oktober snoei je weinig. Laat de stengels van vaste planten en siergrassen staan; ze zijn mooi in de winter en bieden schuilplekken voor insecten. Kort alleen hoge rozen een derde in, zodat ze in de winterstormen niet heen en weer zwiepen en de wortels loswrikken. Meer najaarsklussen vind je in tuin winterklaar maken.

November: uitdunnen en opruimen

Als het blad gevallen is, zie je de structuur van bomen en struiken weer goed. Dit is een goed moment om bladverliezende heesters uit te dunnen en dood of beschadigd hout te verwijderen. Grote snoeiwerkzaamheden aan bomen doe je bij voorkeur van november tot en met februari, bij vorstvrij weer. Struiken die in de winter of het vroege voorjaar bloeien, zoals de toverhazelaar, laat je met rust tot na de bloei.

December: begin van de wintersnoei

Bij zacht weer kun je in december al beginnen met de wintersnoei van appel en peer. Knip daarnaast gerust takken van hulst, taxus en coniferen voor kerstgroen; dat is een lichte snoeibeurt die de planten goed verdragen.

Snoeien per plantengroep

Hagen

De meeste hagen snoei je twee keer per jaar: eind mei of juni en eind augustus tot half september. Snelgroeiende soorten zoals liguster kunnen een derde beurt nodig hebben, langzame soorten zoals taxus en Japanse hulst kunnen met één beurt toe. Welke haag bij jouw tuin en onderhoudswensen past, lees je in welke haag kiezen. Haagplanten vind je bij de haagplanten.

Heesters

Bij heesters bepaalt de bloeitijd het moment: voorjaarsbloeiers na de bloei, zomerbloeiers in maart. Groenblijvende heesters zoals Skimmia en sneeuwbal hebben weinig snoei nodig; knip ze alleen licht in vorm na de bloei. Een overzicht van soorten vind je bij struiken en heesters en in de gids bloeiende struiken.

Fruitbomen

Pitvruchten zoals appel en peer snoei je in de winter voor de vorm en in de zomer om de groei te remmen en bloemknoppen te stimuleren. Steenvruchten zoals kers en pruim snoei je alleen in de zomer, na de oogst. Kies je nieuwe fruitbomen, kijk dan in de gids fruitbomen kopen voor een kleine tuin of bij de bomen.

Klimplanten

Klimplanten verschillen sterk. Clematis snoei je per groep: groep 1 na de bloei, groep 2 licht in maart, groep 3 stevig eind februari. Kamperfoelie dun je uit na de bloei. Blauwe regen snoei je twee keer per jaar, in juli en in januari. Een overzicht van soorten vind je bij de klimplanten.

PlantgroepWanneer snoeienHoe
HagenJuni en eind augustusBovenkant iets smaller dan onderkant
Voorjaarsbloeiende heestersDirect na de bloeiOudste takken bij de grond weg
Zomerbloeiende heestersMaartFlink terug op nieuw hout
Appel en peerDecember tot februari, en augustusUitdunnen in de winter, zijscheuten inkorten in de zomer
Kers en pruimJuli en augustus, na de oogstLicht, bij droog weer
RozenMaart, als de forsythia bloeitTerug tot 20 tot 30 cm op een buitenknop
Vaste plantenMaartOude stengels tot net boven de grond
SiergrassenEind februari tot aprilTerug tot 10 tot 15 cm, groenblijvers uitkammen
Clematis groep 3Eind februariTerug tot 20 tot 30 cm
Blauwe regenJuli en januariZomer tot vijf à zes blad, winter tot twee à drie knoppen

Hoe snoei je: inkorten, uitdunnen en verjongen

Naast het moment is ook de manier van snoeien belangrijk. Grofweg zijn er drie technieken, en de meeste planten hebben een combinatie nodig.

Inkorten betekent dat je een tak terugknipt tot boven een knop. De plant loopt dan uit vanuit de knoppen direct onder de snee, waardoor hij voller en compacter wordt. Knip altijd een halve centimeter boven een knop die naar buiten wijst, schuin aflopend van de knop af, zodat regenwater wegloopt en de nieuwe tak naar buiten groeit in plaats van naar het hart van de plant.

Uitdunnen betekent dat je hele takken weghaalt, tot aan de stam of tot bij de grond. Daarmee krijgt de plant meer licht en lucht en blijft de natuurlijke vorm behouden. Knip bij een zijtak net buiten de takkraag, het licht verdikte randje waar de tak aan de stam vastzit. Laat geen stompjes staan, want die sterven af en vormen een ingang voor schimmels.

Verjongen is de radicale variant: een oude, kale struik zet je in één keer of verspreid over twee à drie jaar terug tot dicht bij de grond. Veel bladverliezende heesters en hagen, zoals liguster en beuk, verdragen dat goed en lopen weer vol uit. Taxus herstelt ook van een stevige snoei in oud hout, maar doe dat bij voorkeur verspreid over een paar jaar. Lavendel, de meeste coniferen en rozemarijn verdragen het niet; die vervang je liever.

Twijfel je, snoei dan liever te weinig dan te veel. Een plant die je te voorzichtig hebt gesnoeid, kun je volgend jaar bijwerken. Een plant waarvan je de bloeitakken of het laatste groen hebt weggehaald, heeft soms jaren nodig om te herstellen. Voor de verfijnde kunst van het vormsnoeien op kleine schaal lees je meer in bonsai snoeien en draad zetten.

Het juiste snoeigereedschap

Goed gereedschap maakt snoeien makkelijker en beter voor de plant. Een scherpe snoeischaar met twee langs elkaar schuivende messen, een zogenaamde bypass-schaar, geeft een gladde snee die snel geneest. Voor takken dikker dan twee centimeter gebruik je een takkenschaar, en voor nog dikkere takken een snoeizaag. Hagen knip je met een handmatige of elektrische heggenschaar. Houd het gereedschap scherp en schoon; maak de messen na het snoeien van zieke planten schoon met alcohol, zodat je geen ziekten overbrengt. Handschoenen, scharen en ander gereedschap vind je bij verzorging en accessoires.

Veelgestelde vragen

Wat mag je in oktober en november snoeien?

In oktober snoei je weinig: alleen lange rozentakken inkorten tegen windschade. In november kun je bladverliezende bomen en heesters uitdunnen en dood hout verwijderen. Hagen en voorjaarsbloeiers laat je met rust.

Tot wanneer mag je een haag snoeien?

Snoei een haag bij voorkeur uiterlijk half september. Later geknipte hagen lopen nog uit, en die jonge scheuten kunnen bevriezen. Let in het voorjaar en de vroege zomer op broedende vogels.

Wanneer snoei je een appelboom?

Appelbomen snoei je in de winter, van december tot februari, bij vorstvrij weer, om de kroon uit te dunnen en te vormen. In augustus volgt een zomersnoei waarbij je lange zijscheuten inkort tot drie à vier bladeren.

Wanneer moet je hortensia's snoeien?

In maart. Pluimhortensia's en bolhortensia's mag je flink terugknippen. Bij de boerenhortensia knip je alleen de uitgebloeide bloemen weg tot boven het eerste paar dikke knoppen, anders knip je de bloei van dit jaar weg.

Kun je in de winter snoeien als het vriest?

Liever niet bij strenge vorst. Bij lichte vorst kun je bladverliezende bomen en fruitbomen nog snoeien, maar bij temperaturen onder een paar graden onder nul wordt het hout bros en genezen wonden slecht.

Wanneer snoei je lavendel?

Lavendel snoei je twee keer: in april in een bolle vorm, en na de bloei in juli of augustus tot net onder de bloemstelen. Knip nooit terug tot in het kale, houtige deel; daaruit loopt lavendel slecht opnieuw uit.

Plantgidsen bij dit artikel

Bekijk het assortiment

Uit het assortiment

Gidsen bij dit onderwerp

Alle gidsen →