Tuinplanten · 12 min lezen ·

Schutting vergroenen met klimplanten en leibomen: zo doe je het

Schutting vergroenen? Lees welke klimplanten en leibomen passen, het verschil tussen hechtwortels en ranken, welke steun je nodig hebt plus de plantafstand.

Een kale schutting is functioneel, maar zelden mooi. Hout vergrijst, betonplaten ogen hard en in een kleine tuin domineert die wand al snel het hele beeld. Door je schutting te vergroenen met klimplanten of leibomen verandert een saaie erfafscheiding in een levende, bloeiende achtergrond die ook nog vogels en insecten aantrekt. Maar welke klimplant kies je, heb je steunmateriaal nodig en hoeveel ruimte moet je tussen de planten laten? In dit artikel leggen we uit hoe klimplanten zich vasthouden, welke soorten groenblijvend zijn, hoe je leibomen inzet en hoe je de schutting vergroent zonder er later spijt van te krijgen.

Waarom een groene schutting de moeite waard is

Een begroeide schutting maakt een tuin optisch zachter en vaak ook groter. Waar een kale wand de grens van de tuin benadrukt, laat groen die grens vervagen. Daarnaast dempt een dikke laag blad geluid, vangt het fijnstof en houdt het de schutting koeler in de zomer. Vogels nestelen graag in dichte klimop of kamperfoelie, en bloeiende klimplanten zijn een belangrijke nectarbron. Wie zijn tuin aantrekkelijk wil maken voor bestuivers, vindt meer inspiratie in onze blog over een tuin voor bijen en vlinders.

Een tweede voordeel is ruimte. Een klimplant neemt aan de grond maar een paar decimeter in beslag, terwijl hij in de hoogte vierkante meters groen levert. Dat maakt klimplanten en leibomen ideaal voor kleine stadstuinen, waar een brede haag te veel ruimte zou innemen. Kijk voor meer ruimtebesparende ideeën ook naar onze gids planten voor een kleine tuin.

Hoe klimplanten zich vasthouden

De belangrijkste vraag bij het vergroenen van een schutting is hoe een klimplant zich vasthoudt. Dat bepaalt of je steunmateriaal nodig hebt en wat de plant met je schutting doet.

Zelfhechters: hechtwortels en hechtschijfjes

Zelfhechtende klimplanten hebben geen hulp nodig. Klimop en de klimhortensia maken kleine hechtwortels die zich in de oneffenheden van hout, steen of beton vastzetten. De wilde wingerd Parthenocissus tricuspidata vormt aan het eind van zijn ranken kleine zuignapjes, hechtschijfjes, die zich op vrijwel elk oppervlak vastplakken. Het voordeel: je plant ze en ze gaan vanzelf omhoog. Het nadeel: als je de schutting ooit wilt schilderen, beitsen of vervangen, krijg je de plant er niet zonder schade af. Zelfhechters zijn daarom vooral geschikt voor stevige, onderhoudsvrije wanden zoals betonschuttingen of gemetselde muren.

Slingerplanten

Slingeraars winden hun stengels om een steun heen. Bekende voorbeelden zijn kamperfoelie, blauwe regen, Akebia en de sterjasmijn Trachelospermum jasminoides. Ze hebben altijd iets nodig om omheen te draaien: verticale draden, een klimrek of een pergola. Een vlakke schutting zonder steun kunnen ze niet beklimmen.

Rankende planten

Rankers maken grijporganen die zich om dunne steunen heen krullen. Bij de clematis zijn het de bladstelen die zich om een draad of twijg winden, bij druif en passiebloem gespecialiseerde ranken. Rankers hebben fijn steunmateriaal nodig: gaas, dunne draden of een trellis met latten die niet dikker zijn dan een paar centimeter.

Leunklimmers

Sommige planten klimmen eigenlijk niet, maar leunen ergens tegenaan of haken zich met doorns vast. Klimrozen en ramblers zijn het bekendste voorbeeld. Ze moeten worden vastgebonden aan horizontale draden of een rek. Ook heesters als vuurdoorn en de glansmispel kun je tegen een schutting leiden, maar dat valt onder het werken met leivormen.

KlimtypeVoorbeeldenSteunmateriaalGeschikt voor
HechtwortelsKlimop, klimhortensiaGeenBeton, steen, hout dat je niet meer behandelt
HechtschijfjesWilde wingerdGeenMuren en stevige schuttingen
SlingeraarsKamperfoelie, blauwe regen, sterjasmijnVerticale draden of rekElke schutting met stevige steun
RankersClematis, druif, passiebloemGaas, dunne draden, trellisLichte schuttingen en hekken
LeunklimmersKlimrozen, ramblersHorizontale draden, aanbindenZonnige schuttingen

Het juiste steunmateriaal voor je schutting

Voor alles behalve zelfhechters heb je steunmateriaal nodig. Een goede constructie maakt het verschil tussen een plant die netjes de hele schutting bedekt en een kluwen die na twee jaar van de schutting loskomt.

Rvs-draden en spandraadsystemen

De netste oplossing zijn roestvrijstalen draden die je met afstandhouders aan de palen bevestigt. Voor rankers en leunklimmers span je ze horizontaal, op een onderlinge afstand van 30 tot 40 centimeter. Voor slingeraars werken verticale draden beter, of een combinatie van beide in een ruitpatroon. De afstandhouders zorgen voor vijf tot tien centimeter ruimte tussen draad en schutting. Daardoor kan de lucht achter de plant circuleren, droogt het hout sneller op en kun je de plant makkelijker aanbinden.

Trellis en klimrekken

Een houten of metalen trellis is decoratief en geeft rankers veel grijpmogelijkheden. Bevestig ook een trellis met een paar centimeter afstand tot de schutting. Kies voor een zware slingeraar als blauwe regen altijd een stevige, verankerde constructie. Een volwassen blauwe regen kan zo veel kracht zetten dat hij dunne latten of zelfs regenpijpen samendrukt.

Gaas

Plantengaas of bouwstaalmatten zijn goedkoop en praktisch, vooral voor clematis en eenjarige klimmers. Een gecoat gaas in donkergroen of zwart valt na een seizoen nauwelijks meer op. Draad, binders en ander toebehoren vind je bij potgrond en toebehoren.

Let op: is de schutting van je buren of staat hij precies op de erfgrens? Overleg dan voordat je draden bevestigt of zelfhechters plant. Een klimplant die over de schutting groeit, groeit ook de tuin van de buren in.

Groenblijvende klimplanten voor een schutting

Wil je ook in de winter privacy, dan kies je een groenblijvende klimplant. Het aanbod is kleiner dan bij bladverliezende soorten, maar er zijn een paar uitstekende keuzes.

  • Klimop. De onverslaanbare klassieker. Groeit in zon en schaduw, is volledig winterhard en bloeit in de herfst met bolletjes die bijen en zweefvliegen dankbaar bezoeken. Bontbladige vormen zijn wat minder sterk en groeien langzamer.
  • Sterjasmijn. Trachelospermum jasminoides heeft glanzend donkergroen blad en geurt in de zomer heerlijk. Hij heeft een beschutte, zonnige plek nodig en kan in strenge winters bevriezen. Bescherm jonge planten de eerste winters.
  • Groenblijvende kamperfoelie. Lonicera henryi houdt een groot deel van zijn blad en groeit ook in de halfschaduw. In koude winters verliest hij een deel ervan.
  • Groenblijvende clematis. Clematis armandii bloeit al in maart met wit geurende bloemen, maar wil een warme, beschutte plek.
  • Kardinaalsmuts. Euonymus fortunei is eigenlijk een kruipende heester, maar klimt met hechtwortels ook tegen een schutting op. Ideaal voor lage schuttingen in de schaduw.

Meer groenblijvende opties voor het hele jaar vind je in onze gids klimplanten voor de schutting en in het assortiment klimplanten.

Bloeiende klimplanten voor kleur

Gaat het je vooral om bloei, dan zijn bladverliezende klimplanten vaak spectaculairder. De clematis is de koning van de bloeiers: met de juiste combinatie van soorten heb je van april tot september bloemen. Kamperfoelie geurt vooral 's avonds sterk en trekt nachtvlinders aan. De blauwe regen bloeit in mei met lange, geurige trossen, maar heeft een zeer stevige constructie nodig en is eigenlijk te groot voor een gewone schutting van 1,80 meter. Klimrozen geven romantiek; lees in rozen snoeien hoe je ze aan de schutting in vorm houdt en meer over soorten op de pagina over rozen.

De klimhortensia, Hydrangea anomala subsp. petiolaris, verdient een aparte vermelding. Het is een van de weinige bloeiende klimplanten die het goed doet op een noordkant. Hij groeit de eerste jaren langzaam, maar bedekt daarna een complete wand met zijn witte schermbloemen. Meer over de familie lees je bij hortensia, en andere planten voor donkere plekken vind je in de gids planten voor de schaduw in de tuin.

Welke klimplant bij welke ligging?

  • Zuid en west: klimrozen, blauwe regen, sterjasmijn, druif, passiebloem en de meeste grootbloemige clematissen, mits hun voet in de schaduw staat.
  • Oost: kamperfoelie, clematis, klimrozen die tegen wat minder zon kunnen.
  • Noord: klimop, klimhortensia, Lonicera henryi, kardinaalsmuts en Clematis montana.

Een warme zuidschutting is ook een prachtige plek voor een vijgenboom of leifruit, die van de opgeslagen warmte profiteren.

Leibomen: direct een groene wand

Wil je snel resultaat of liever geen klimplant, dan zijn leibomen een sterke keuze. Een leiboom is een boom waarvan de takken in de kwekerij plat langs een rek zijn geleid, zodat er een smalle, platte groene wand ontstaat op een stam. Ze worden geleverd met een bamboe of metalen frame van meestal 120 tot 150 centimeter breed. Je kunt ze vlak voor de schutting zetten, zodat het blad boven de schutting uitsteekt en extra privacy geeft, of ervoor zodat de schutting zelf verdwijnt.

Populaire soorten leibomen

  • Leilinde: de klassieker, bladverliezend, met geurende bloei in juni of juli.
  • Leiglansmispel: de Photinia Red Robin als leivorm is groenblijvend en loopt elk voorjaar knalrood uit.
  • Leilaurierkers: groenblijvende laurierkers in leivorm geeft het hele jaar door een dichte groene wand.
  • Leibeuk en leihaagbeuk: beuk houdt zijn bruine blad grotendeels vast tot het voorjaar en geeft zo ook in de winter wat privacy.
  • Leifruit: een appelboom of perenboom als leivorm combineert een groene wand met eigen oogst.

Leibomen vind je onder bomen. Meer over fruit in een beperkte ruimte lees je in onze blog fruitbomen in een kleine tuin en in de gids fruitbomen kopen voor een kleine tuin.

Plantafstand: hoe ver van de schutting en van elkaar

Plant een klimplant nooit pal tegen de schutting. Direct aan de voet is de grond droog en vaak vol puin of beton van de paalvoeten. Houd 30 tot 40 centimeter afstand en zet de plant schuin, met de stengels richting de schutting. Leid de scheuten vervolgens met een bamboestokje naar het steunmateriaal.

De onderlinge afstand hangt af van de groeikracht:

PlantOnderlinge afstandOpmerking
Klimop50 tot 100 cmDichter planten geeft sneller dekking
Clematis (grootbloemig)80 tot 120 cmMontana-typen hebben veel meer ruimte nodig
Kamperfoelie150 tot 200 cmEén plant bedekt meerdere schuttingdelen
Sterjasmijn100 tot 150 cmGroeit de eerste jaren rustig
Klimroos200 tot 300 cmTakken waaiervormig uitbuigen
Blauwe regen300 tot 400 cm of meerEén plant is meestal genoeg
Leiboom120 tot 150 cmHart op hart, afhankelijk van rekbreedte

Planten in de volle grond of in een bak

Klimplanten doen het verreweg het best in de volle grond, waar hun wortels vrij kunnen uitgroeien. Graaf een plantgat van minstens twee keer de kluit, maak de bodem los en meng er compost door. Bij een klimplant in een bak, bijvoorbeeld op een betegeld terras of balkon, moet de bak groot genoeg zijn: minimaal 40 tot 50 centimeter diep en breed, met goede afwatering. Kies dan soorten die niet te groot worden, zoals compacte clematissen, klimop of sterjasmijn. Een stevige pot vind je bij de bloempotten, en meer tips voor planten in bakken lees je in balkon en terras in pot en in de gids winterharde kuipplanten.

Wanneer plant je klimplanten?

Het beste plantseizoen is de herfst, van september tot in november. De grond is dan nog warm genoeg om te wortelen en de planten kunnen in het voorjaar meteen groeien. Ook het voorjaar, in maart en april, is prima. Groenblijvers en wat vorstgevoelige soorten zoals de sterjasmijn plant je liever in het voorjaar, zodat ze voor de winter goed geworteld zijn. Klimplanten in pot kun je in principe het hele jaar planten, zolang het niet vriest of extreem heet is.

Plant een clematis iets dieper dan hij in de pot stond, zodat de onderste knoppen onder de grond zitten. Raakt de plant ooit door clematisverwelking aangetast, dan loopt hij vanuit die knoppen opnieuw uit. Bescherm de voet tegen felle zon met een steen, een laag mulch of een lage vaste plant ervoor.

Onderhoud en snoei van een groene schutting

Een begroeide schutting vraagt jaarlijks wat aandacht. Leid jonge scheuten de eerste jaren regelmatig naar de draden en bind ze losjes aan, zodat ze de hele breedte bedekken in plaats van in een bos omhoog te schieten. Een klimplant die niet wordt geleid, groeit naar het licht en blijft onderaan kaal.

  • Klimop: twee keer per jaar terugknippen, in het voorjaar en eind augustus, en de bovenrand strak houden.
  • Clematis: de snoei hangt af van de groep. Voorjaarsbloeiers knip je na de bloei, zomerbloeiers op nieuw hout knip je in februari of maart terug tot 20 tot 30 centimeter boven de grond.
  • Kamperfoelie: na de bloei uitdunnen en te lange ranken inkorten.
  • Blauwe regen: twee keer per jaar snoeien, in de zomer en in de winter, om bloei te stimuleren.
  • Leibomen: één of twee keer per jaar alle uitstekende scheuten terugknippen tot het platte vlak, net als bij een haag.

Houd bij het snoeien rekening met broedende vogels in het voorjaar en de vroege zomer. Kijk voor je knipt of er een nest in zit. Snoeitechnieken voor hagen en leivormen lees je ook in onze blog welke haag kiezen.

Alternatieven: haag of bamboe voor de schutting

Heb je meer ruimte, dan kun je de schutting ook combineren met of vervangen door een smalle haag. Een groenblijvende haag van taxus of liguster blijft met regelmatige snoei 40 tot 60 centimeter breed. Bekijk onze haagplanten en de gids groenblijvende haag. Wie een luchtig, oosters effect zoekt, kiest voor niet-woekerende bamboe, die in een smalle strook voor de schutting snel een groen scherm vormt.

Veelgestelde vragen

Wat is de snelst groeiende klimplant voor een schutting?

Kamperfoelie, Clematis montana en wilde wingerd groeien zeer snel en kunnen binnen twee tot drie jaar een flink stuk schutting bedekken. Klimop groeit het eerste jaar langzaam, maar versnelt daarna sterk. Wil je direct resultaat, kies dan voor leibomen.

Welke klimplant is groenblijvend en winterhard?

Klimop is de meest betrouwbare groenblijvende en volledig winterharde klimplant. Kardinaalsmuts en Lonicera henryi zijn ook goede keuzes. Sterjasmijn is groenblijvend maar minder winterhard en heeft een beschutte plek nodig.

Beschadigt klimop mijn schutting?

Klimop hecht zich met hechtwortels vast aan het hout. Dat beschadigt een gezonde schutting niet direct, maar je kunt de schutting daarna niet meer behandelen of eenvoudig vervangen. Op een houten schutting die je wilt onderhouden kies je daarom liever een klimplant aan draden.

Hoe ver van de schutting plant ik een klimplant?

Houd 30 tot 40 centimeter afstand tot de schutting en zet de plant schuin richting de steun. Direct aan de voet van een schutting is de grond te droog en zitten vaak paalvoeten in de weg.

Kan ik klimplanten in een bak tegen de schutting zetten?

Ja, mits de bak minstens 40 tot 50 centimeter diep en breed is en goed afwatert. Kies compacte soorten zoals klimop, sterjasmijn of kleinere clematissen, en geef in de zomer regelmatig water en voeding.

Wat is het verschil tussen een leiboom en een klimplant?

Een leiboom is een boom op een stam waarvan de takken plat zijn geleid, zodat je direct een groene wand hebt. Een klimplant groeit vanaf de grond omhoog en heeft een paar jaar nodig om de schutting te bedekken, maar neemt aan de voet minder ruimte in.

Plantgidsen bij dit artikel

Bekijk het assortiment

Uit het assortiment

Gidsen bij dit onderwerp

Alle gidsen →